
Ik vond een oude foto van mijn oma en oudtante. Meegenomen toen we mijn oma’s huis leegruimden, alweer enige jaren geleden. De prent was wat wazig en van een bruinig zwart-wit.
Ik was op zoek naar iets anders en wilde de foto opzij leggen, maar de kinderen er op bedelden vanuit hun eeuw om aandacht. Ze hadden jurkjes aan, lakschoentjes en allebei een grote witte strik in het haar. De jongste hield een pop vast die een gebreid jasje droeg. Achter ze stond een kinderwagen die in een antiekzaak nu veel geld zou opleveren. Twee meisjes uit een lang vervlogen tijd, voor altijd vastgelegd op papier.
Ik probeerde te ontdekken wie van hen mijn oma was en wie mijn oudtante en kon ineens door de inkt heenkijken. Ik herkende ze, de vrouwen die er vanaf mijn vroege babytijd altijd waren. Als actieve vijftigers en zestigers, als breekbare oude dametjes en toen ineens niet meer.
Ik herinnerde me hen zoals ze altijd zijn geweest, hun innerlijke personen, die zelfs al herkenbaar waren in de gezichten van twee kleine meisjes, kijkend in de lens van een fototoestel. Onwetend van mijn tranen die er bijna een eeuw later op zouden vallen omdat ik de tijd ineens zo erg kon voelen.
~